Image Image Image Image Image Image Image Image Image Image

| 23 oktober 2019

Scroll to top

Top

Festivalband Hatebreed staat ook indoors als een hardcorehuis

Festivalband Hatebreed staat ook indoors als een hardcorehuis
Roy Verhaegh

Voor wie de afgelopen tien jaar nog nooit naar een festival van een stevig kaliber is geweest, zal Hatebreed onbekend in de oren klinken. Toch is de band als sinds 1994 bezig, en hebben ze zelfs de wat meer reguliere festivals aangedaan, zoals Paaspop. Waar Metallica voor velen een introductie vormde naar metal, zo vormde Hatebreed voor velen een introductie naar de hardcore/punk. Het grotere publiek leerde ze kennen met nummers als ‘Live For This’ en ‘This Is Now’, en van daaruit werden bands als Terror en ander hardcore-gerelateerde herrie ontdekt. Ondertussen hebben ze ruim zeven albums op zak, waarvan ‘The Concrete Confessional’ uit 2016 de meest recente is. Met een uitgebreide discografie op zak staan ze voor de verandering eens binnen vanavond, en wel in de grote zaal van de Effenaar.

Tekst: Roy Verhaegh | Foto’s: Gerrit Smalbrugge

Hatebreed is de ideale festivalband om op bijvoorbeeld Fortarock neer te zetten, omdat ze zo goed het gat tussen metal en hardcore op vullen. De oorsprong zit overduidelijk in de hardcore-punk, met korte en krachtige riffs en een mokerslag in je gezicht aan passie. Het laat zich niet te raden waar de nummers overgaan, terwijl ze aan de andere kant hun eerbetoon bewijzen aan bands als Sepultura en Slayer door een zeker headbang-gehalte in de riffs. Al met al heeft Hatebreed een positieve en krachtige uitstraling te pakken, die een vonk aanslaat bij iedere liefhebber van het stevigere gitaarwerk. Zodoende dat de band eigenlijk vaker op festivals te vinden, waar eigenlijk altijd wel iemand te porren is voor een showtje van dit vurige vijftal. Een zaal vullen is iets pittiger, als blijkt dat vanavond niet uitverkocht is, maar het toch wel gezellig druk is.

Cryptopsy

Toch hebben ze geprobeerd die festivalsfeer mee naar binnen te nemen. Net zoals dat op bijvoorbeeld Graspop de hele dag door diverse bands spelen binnen het spectrum van metal, zo staan er ook vandaag twee totaal diverse bands te spelen. De ene keer sta je bij een harcoreband, de andere keer weer bij een technische death metalformatie. Dat maakt een festival rijk interessant en divers, maar in een headlineshow werkt dat niet. Dat heeft dus in dit geval betrekking op Cryptopsy, de death metalband uit Canada die al sinds 1992 bezig is. Iedereen krabt zich eventjes goed achter de oren als het begint, want uit de chaotische muzikale brei is weinig op te maken. Op hun albums zijn ze technisch sterk onderlegd, maar dat hoor je bijvoorbeeld niet terug in het gitaarwerk, dat tot een brei verweven wordt met de drum- en basspartijen. De frontman grunt zich hier een weg door heen, maar lijkt tot niet meer in staat dan het flink laten borrelen van zijn keel en her en der een wat lichtere schreeuw.

 

Cryptopsy

Crypstopsy is allemaal te veel gedoe voor mensen die specifiek voor een show van Hatebreed komen.  Op de muzikaliteit van de muzikanten onderling is echter niets aan te merken; dit is genadeloos hard en met een finesse voor tempowisselingen. Ter ere van de twintigste verjaardag van hun plaat ‘None So Vile’, spelen ze deze plaat in zijn geheel, hoewel het publiek wordt hier niet warm of koud van. Een enkeling waagt zich aan een dansje in de pit, maar van een goede warming-up is geen sprake. Kortom, een gemiste kans voor het plaatsen van bijvoorbeeld enkele Brabantse hardcorebands die gegarandeerd meer leven in de brouwerij hadden gebracht.

Hatebreed

Maar goed, wie wel eens naar een festival gaat, weet dat je hier wel eens mee te maken krijgt als je een mooi plaatsje wil scoren bij je favoriete act. Dan moet je wel eens door een iets mindere act heen bijten. Als Hatebreed opkomt is de stemming beduidend een stuk beter. Ze openen met de nieuwere nummers ‘A.D.’ en ‘Looking Down The Barrel Of Today’, maar de vonk slaat pas echt over bij ‘Never Let It Die’ en ‘Tear It Down’. De nadruk ligt heel erg op de classics vanavond, waarbij ‘The Rise Of Brutality’ en ‘Supremacy’ op de voorgrond liggen. Een gemis is echter wel ‘Defeatist’.

Hatebreed

Eigenlijk kan er wel gesteld worden dat iedereen die Hatebreed recentelijk op een festival gezien heeft, vanavond niks gemist heeft. Ze spelen ouderwets strak, het enthousiasme straalt er vanaf en frontman Jamey Jasta (uiteraard voorzien van trademark bandana) is een baken van hoop in al het negatieve dat deze wereld tegenwoordig aangaat. Ook de zelfdodingen van recentelijk Chris Cornell en Chester Bennington worden even aangehaald als inleiding op ‘In Ashes They Shall Reap’. “Dat iedereen die kampt met problemen, zich een heel stuk beter mag voelen als ze vanavond naar buiten lopen.”

Hatebreed

En dat krijgt Hatebreed iedere keer dat toch weer voor elkaar. Ook al spelen ze dezelfde set, keer op keer, gevuld met de andere bekende klassiekers als ‘Perseverance’ en ‘I Will Be Heard’, toch kunnen ze niets fout doen, want wat ze doen is gewoonweg strak en niets op aan te merken. Goed, Jamey Jasta is iets minder bewegelijk dan gebruikelijk, maar verder prima bij stem. Het is weliswaar niet overrompelend, maar dat is ook niet de insteek van Hatebreed. Ze willen een baken van hoop zijn in donkere dagen, al is het maar voor een avond. Wat betreft zijn ze ook wel een beetje de AC/DC van de hardcore: je weet wat je kunt verwachten, maar toch stellen ze nooit teleur.