Image Image Image Image Image Image Image Image Image Image

| 18 september 2019

Scroll to top

Top

Vuig Claw Boys Claw speelt lekker dwarse set in de Effenaar

Vuig Claw Boys Claw speelt lekker dwarse set in de Effenaar
Theo Miggelbrink

“Vuig” was het antwoord van He Said No zangeres en bassiste Cox Dieben toen haar in korte documentaire uit 2006 van het VPRO progamma Hollandse Nieuwe gevraagd werd om de sound van haar toenmalige band The Sugarettes te omschrijven. En haar onvervalst Brabantse tongval deed vermoeden dat het bij “vuig” om een overheerlijke delicatesse ging.

The Sugarettes bestaan inmiddels niet meer. Maar voor liefhebbers van vuige muziek is er nog steeds genoeg te genieten. Sommige bands zijn inmiddels al meer dan vijfendertig jaar vuig. Eén van die bands is het Amsterdamse viertal Claw Boys Claw. En als er een band is die weet hoe je “vuig” als delicatesse moet serveren dan zijn het de extraverte “meesterkok” Peter te Bos en zijn mannen.

Tekst: Theo Miggelbrink | Foto’s: Lot Grips

En juist Claw Boys Claw geeft vanavond acte de présence in de Kleine zaal van de Effenaar. Maar voordat het zover is is het eerst de beurt aan Kitty Kitty Tuna. Zanger gitarist Robin van Saaze wordt vandaag op drums bijgestaan door de ook van Ode To The Quiet bekende Otto de Jong. Het duo doet qua bezetting een beetje denken aan Storksky. Maar klinkt live een stuk punkachtiger en melodieuzer dan hun in moddervette riffs grossierende collega’s. MGMT cover ‘Kids’ is misschien wel illustratief voor die sound van de heren. Kitty Kitty Tuna is met hun enthousaste performance in ieder geval de ideale opwarmer voor de routiniers van Claw Boys Claw dat na een half uur het stokje overneemt.

Claw Boys Claw gitarist en oerbandlid John Cameron trapt gelijk heerlijk energiek af met de titeltrack van het nieuwste album It’s Not Me, The Horse Is Not Me – Part 1. Na de eerste drie songs denk je even dat dat album integraal gespeeld wordt maar gelukkig is er na een drietal songs ook ruimte voor ‘Traglodyte’ van Angelbite. En zo zullen gedurende de avond meer songs afgewisseld worden met klassiekers van Angelbite, Hammer, Pajama Days, Will-O-The-Wisp, Sugar en zelfs The Shocking Shades Of Claw Boys Claw.

In eerste instantie laat het publiek de set wat gelaten over zich heen komen maar bij ‘Bite The Dice’ slaat de vlam dan toch echt in de pan en ontstaat er een heuse moshpit. Hét moment voor Te Bos om zelf ook maar meteen het publiek in te duiken. En met zijn microfoon aan een meterslang-snoer paradeert hij als een parmantige pauw door het publiek. Hoewel dit bij een Claw Boys Claw een beproefd recept is werkt het altijd. De moshpit blijft tot het einde van de set intact. En zo kunnen de de Boys in een behoorlijk afwisselende set naar de toegift toewerken.

Hoewel Te Bos vanavond niet op zijn praatstoel zit zijn de plagerijtjes aan het adres van het publiek nooit ver weg. Ook ERC-fotografe Lot Grips ondervindt dat, wanneer haar telefoon uit haar handen gegritst wordt en Te Bos in vogelvlucht een filmpje maakt van zijn musicerende collega’s. Die telefoon belandt natuurlijk uiteindelijk gewoon weer bij de rechtmatige eigenaar. Dus ‘no hard feelings’.

Die plagerijtjes daargelaten gaat het natuurlijk om de muziek. En wat dan vanavond opvalt is dat er regelmatig gas terug genomen wordt. En juist in die langzame nummers als ‘Sleepwalking’, ‘Monkey Days’ of het gloednieuwe ‘Echo Echo’, valt op hoe fraai de stem van “crooner” Te Bos eigenlijk is. Misschien is dàt juist de winst nu de inmiddels 67 jarige Te Bos niet meer de hele avond als een dolle hond over het podium kan razen.

Al zijn er natuurlijk nog genoeg ruige momenten zoals ook in de toegift weer blijkt. Want naast ultieme hit ‘Rosie’ bevat die o.a. de heerlijke meezing klassieker ‘Superkid’. Maar het echte vuurwerk komt als de heren voor de tweede keer uit de kleedkamer terugkeren en ongemeen venijnig afsluiten met The Stooges-song ‘I Wanna Be Your Dog’.

De heren mogen dan inmiddels op leeftijd zijn, uitgeblust zijn ze nog lang niet. En zoals Iggy Pop (de schrijver van The Stooges-song ‘I Wanna Be Your Dog’) nog steeds bewijst, stopt het leven van een rechtgeaarde rocker niet bij de 70. Misschien is het dus wel een idee wanneer de band It’s Not Me, The Horse Is Not Me – Part 2 in 2020 uitbrengt.