Image Image Image Image Image Image Image Image Image Image

| 3 maart 2024

Scroll to top

Top

Tankzilla ramt het stucwerk van de muren

Tankzilla ramt het stucwerk van de muren
Maurice van der Heijden

Tankzilla heeft zijn eerste langspeler alweer sinds eind Mei in de schappen liggen van de plaatselijke platenzaak. Locatie van de release party is het Stroomhuisje geworden. De perfecte locatie voor moddervette ondergrondse rock. Het zal geen verrassing zijn als ik meld dat de show ram uitverkocht is.

Tekst: Maurice van der Heijden | Foto’s: Charlotte Grips

Volle bak dus als de eerste band Idealus Maximus aantreedt. Waar Tankzilla geen bassist heeft, doen de Belgen het zonder zanger. De instrumentale riff rock of stoner rock zoals  u wilt heeft uiteraard een knipoog naar Karma to Burn maar is hoekiger en lomper. Meer subtiel is de stijl van het rode drumstel dat lijkt op het uitlaatsysteem van een dragster. Met zwarte letters staat er “staccato” op geschreven maar zo staccato gaat Idealus Maximus niet tekeer. Het vliegt regelmatig uit de bocht in de rockende passages. In een dragrace gaan twee dragsters overigens alleen maar rechtdoor maar de gitaar ronkt en giert net zo als de banden van deze monster voertuigen.

Het enige nadeel is de beperkte stijl waardoor herhaling na een half uur op de loer ligt. Als band moet je dan leunen op oersterke en pakkende riffs. Vaak zit dat wel goed met het drietal maar soms ligt het spook van “dit lijkt teveel op een eerder gespeelde riff” op de loer. Met de energie en enthousiasme als compensatie zit het wel goed. Later in de set komen er wat kazige riffs voorbij die weliswaar voor afwisseling zorgen maar net iets te vrolijk en simpel klinken om te beklijven. Idealus Maximus is beter in het stompende werk gemixt met moddervette rock riffs. Gelukkig wordt dat gemixed met psychedelische passages in de afsluiter. De set wordt knallend afgesloten alsof Matt Pike en High on Fire even het Stroomhuisje komen binnen vlammen. Idealus Maximus is de perfecte opwarmer voor vanavond.

In de pauze worden de amps van Pedro (je kent hem vast wel van Peter Pan Speedrock) in een mooi kringetje rondom de frontman geschoven, in de andere hoek het drumstel van Marcin (ook bekend van Wolfskop en Isle of Man) en in het midden een lichtinstallatie van het logo. Het tweetal weet gelijk alle aandacht vast te pakken nog voordat de eerste riff is gespeeld (en het intro met beats wordt ingezet). Bij de start ramt Tankzilla gelijk het stucwerk van de muren. Met zijn tweeën is het op papier een vreemd huwelijk tussen effectieve rock riffs en de geavanceerde drumpartijen (drummer Marcin is fan van moeilijke death metal – zie ook zijn shirt van Dead Congregation). Met dit extra ingrediënt wordt een breed publiek aangesproken.

Vanzelfsprekend rockt Tankzilla als de neten – dat kan je wel overlaten aan Pedro maar het is Marcin die constant tot het naadje gaat (en erin of erover). Dat maakt Tankzilla zo dodelijk interessant. Constant rocken als een malle maar nergens worden de bereden traktor paden gepakt. Nee, als een tank stuiven ze recht door het maisveld heen. Doodsimpel en gas geven als een dragster maar qua drums af en toe complex als een wiskundeformule. Gelukkig wel wortels trekken uit de modder zodat de muziek smerig blijft en waaruit hitjes zoals ‘Wolfpack’ of ‘Brother from another mother’ naar boven komen.

Die dodelijke formule herleiden tot één catchy woord dan kom je uit bij “rock and roll”. Zo was het ooit in de jaren vijftig bedoelt, overdonderen en afwijken van de norm. Tankzilla zit ergens in zijn eigen vakje, gaat over lijken (zoals een echte tank), kent het begrip bloed, zweet en tranen en verveelt een uur lang geen moment. Welke Eindhovense band met enkel een debuut plaat en twee singles achter de kiezen kan dat momenteel zeggen?